De wet schrijft voor dat varkens de hele dag over voldoende hokverrijkingsmateriaal moeten beschikken. Dit komt erop neer dat minimaal 25 procent van de varkens in een hok 24 uur per dag gelijktijdig de beschikking moet hebben over geschikt materiaal.
Onlangs werd de nieuwe Brochure Hokverrijking gepresenteerd en ontvingen varkenshouders per post de daaruit voortkomende Hokverrijkingskaart. Beide documenten geven heldere achtergronden en praktische adviezen om aan de regels voor hokverrijking te voldoen. Eén van die regels is dat minimaal 25 procent van de varkens in een hok gelijktijdig moet kunnen beschikken over eetbaar en wroetbaar hokverrijkingsmateriaal.
Marko Ruis, onderzoeker bij WUR, legt uit waarom in dit geval is gekozen voor 25 procent en niet voor 100 procent. “Die 25 procent is een realistische ondergrens, gebaseerd op onderzoek en praktijkervaringen. Niet alle varkens zijn tegelijk bezig met permanent aanwezige hokverrijking.”
Het optelsomprincipe
De 25-procentregel betekent niet dat minimaal een kwart van alle varkens tegelijkertijd aan bijvoorbeeld een ruif moet kunnen staan. “Het is een optelsom. Het gaat om alle varkens die op een bepaald moment materiaal op de vloer kunnen wroeten of materiaal manipuleren uit een dosator, waarna het wroetbaar wordt op de vloer”, zegt WUR-onderzoeker Anita Hoofs.
Varkens kunnen met organische materialen bezig zijn door (optelsom):
- te wroeten in schone en verplaatsbare (restanten van) materialen op de vloer;
- materialen te manipuleren uit dosators, zoals manden en ruiven. Varkens moeten er met de snuit goed bij kunnen en het materiaal moet er gemakkelijk uit te halen zijn, zodat het wroetbaar wordt op de vloer;
- te wroeten in vervormbare en afbreekbare objecten die op de vloer liggen, zoals touwen of jute doeken.
Het is essentieel dat varkens materiaal naar beneden kunnen trekken. Objecten die alleen in de lucht hangen, voldoen niet. Pas wanneer materiaal op de vloer terechtkomt en verplaatsbaar is, wordt het wroetbaar. Varkens moeten er altijd goed bij kunnen; dat wil zeggen: niet hoger dan schouderhoogte. Te hoog opgehangen systemen werken niet.
Los van de 25-procentregel is het belangrijk om altijd voldoende hokverrijkingsmateriaal beschikbaar te hebben. “Een te lage beschikbaarheid leidt tot competitie en agressief gedrag. Dat is juist niet wat je wilt”, stelt Hoofs.
Bekijk de brochure en de Hokverrijkingskaart
Bekijk hier de Brochure Hokverrijking en nestbouwmateriaal voor varkens waarin alles omtrent hokverrijking uitgebreid is omschreven volgens de vernieuwde wettelijke criteria en actuele kennis. De Hokverrijkingskaart
Hier vind je een verkorte, praktische versie van de brochure met de belangrijkste informatie over hokverrijking en een handige checklist.
Meer over hokverrijking
Bekijk ook onze overige artikelen over hokverrijking:
Binnenkort op deze website:
- Hokverrijking: een praktische aanpak
- Zeugen en nestbouwgedrag
- Wat vertelt het varken ons?
- Hokverrijking: niet alleen omdat het moet, maar omdat het ook wat oplevert
- Wat als standaard hokverrijking niet genoeg is?
- Zo werkt de checklist hokverrijking
- Hokverrijking: waar controleert de NVWA op?
Tekst: Gerben Hofman
Beeld: WUR




