Goed nieuws voor veehouders die werken met mestverwerking. Vanaf deze week is het officieel toegestaan om Renure boven de gebruiksnorm van 170 kilogram stikstof uit dierlijke mest per hectare toe te passen. “Daarmee ontstaat extra ruimte om stikstof uit eigen mest te benutten als alternatief voor kunstmest. Dat biedt kansen voor ondernemers die investeren in mestverwerking en hun afhankelijkheid van kunstmest willen verkleinen”, vertelt Stef van Bergen, adviseur Mest en Mineralen bij DLV Advies.
Met de nieuwe regelgeving mag jaarlijks maximaal 80 kilogram stikstof uit Renure extra worden ingezet boven op de norm voor dierlijke mest. Deze stikstof telt wel volledig mee binnen de totale stikstofgebruiksruimte van je bedrijf. Daarnaast geldt voor Renure een werkingscoëfficiënt van 100 procent. Renure moet emissiearm worden aangewend en afkomstig zijn van een geregistreerde of gecertificeerde producent.
Producenten moeten aan de slag met registratie
Wie Renure produceert, moet zich registreren bij RVO of beschikken over een erkend certificaat. Daarbij moet worden aangetoond dat de installatie daadwerkelijk Renure produceert en dat het product voldoet aan de gestelde kwaliteitseisen. “Voor bedrijven die al actief zijn met mestverwerking zal een deel van deze eisen herkenbaar zijn. Wel zien we dat registratie, analyses en monitoring nu nadrukkelijk onderdeel worden van de dagelijkse praktijk”, aldus Stef. Daarnaast worden eisen gesteld aan de productie-installatie. De productie en de gebruikte meststromen moeten worden geregistreerd met een flowmeter, debietmeter of vergelijkbare meetapparatuur. Ook moeten productiegegevens realtime worden vastgelegd voor controle door RVO en NVWA.
Kwaliteit aantonen wordt verplicht
Om Renure boven de mestnorm te mogen gebruiken, moet de kwaliteit aantoonbaar op orde zijn. Daarom geldt een verplichte bemonstering en analyse van de geproduceerde Renure. Daarbij wordt onder andere gekeken naar de verhouding tussen minerale stikstof en totale stikstof en naar de gehalten aan koper en zink. Voldoet een partij niet aan de kwaliteitseisen? Dan moet direct opnieuw worden bemonsterd. Wanneer ook het tweede monster niet voldoet, vervalt tijdelijk de mogelijkheid om het product als Renure af te zetten of te gebruiken.
Opslag verdient extra aandacht
Een van de belangrijkste praktische aandachtspunten is de opslag van Renure. Het product moet apart worden opgeslagen en mag niet worden gemengd met andere meststoffen. Zodra dat wel gebeurt, vervalt de Renure-status. “Juist hier verwacht ik dat veel ondernemers nog een keer kritisch naar hun situatie moeten kijken. Wordt mineralenconcentraat of ammoniumzouten nu opgeslagen in een reguliere mestopslag? Dan is het verstandig om tijdig te bekijken of een aparte opslag nodig is. Wel blijft het toegestaan om Renure tijdens het uitrijden te combineren met andere meststoffen”, legt Stef uit.
Ook bestaande voorraden tellen mee
Heb je vóór 12 juni 2026 al Renure geproduceerd? Dan mag deze voorraad alsnog als Renure worden gebruikt, mits uit een analyse blijkt dat het product voldoet aan de nieuwe kwaliteitseisen. De analyseresultaten moeten wel worden opgenomen in de bedrijfsadministratie.
Nu voorbereiden voorkomt vertraging later
Volgens Stef ligt de grootste uitdaging niet in de regelgeving zelf, maar in de voorbereiding.
“Mijn advies is om nu alvast in beeld te brengen wat de nieuwe regels voor jouw situatie betekenen. Denk aan registratie, opslag, analyses en administratie. Bedrijven die dat goed organiseren, kunnen straks direct gebruikmaken van de extra mogelijkheden die Renure biedt. De komende periode houden we je via onze website en nieuwsbrieven op de hoogte van ontwikkelingen rondom registratie, vergunningen, opslagvraagstukken en mestverwerking”, vertelt Stef.
Heb je vragen over de nieuwe Renure-regels of wil je weten wat dit betekent voor jouw bedrijf? Neem gerust contact op met een van onze adviseurs of vul onderstaand formulier in.
Bron: DLV




