Brijvoerbedrijven kunnen over het algemeen goedkoper voeren dan droogvoerbedrijven. Dit vraagt wel om vakmanschap van de ondernemer. Brijvoerspecialist René Schennink van ABZ Diervoeders heeft tips om de voerkosten op een brijvoerbedrijf laag te houden.
1 Leg gezonde biggen van goede kwaliteit op
“Ik heb liever een genetisch mindere big die gezond is dan een genetisch hoog aangeschreven varken dat niet gezond is. Bij varkens die niet gezond zijn gaat enorm veel energie verloren en dat gaat ten koste van de groei.”
2 De basis moet in orde zijn
“Water, voer, klimaat, verzorging: de basisdingen moeten gewoon goed gebeuren. Klinkt vanzelfsprekend, maar is niet overal zo.”
3 Benut de jeugdgroei maximaal
“Jeugdgroei is de goedkoopste groei die er is. Geef de dieren in het beging goed lysine en eiwit, maar kijk altijd wel of het dier het aan kan. Vooral als dieren aan het begin niet gezond zijn, wordt de jeugdgroei niet voldoende benut”, wijst Schennink terug naar de eerste tip.
4 Voer naar behoefte
“Voer voldoende eiwit en energie en baseer je daarbij op een bedrijfsspecifiek groeimodel.”
5 Goede voerhygiëne
“Voorkom gisten. Als een product gist, kan de hoeveelheid drogestof wel 40 procent afnemen. Komt een product binnen en het gist, dan heb ik maar één advies: afscheid nemen. Gelukkig komt gisten steeds minder vaak voor. Leveranciers besteden steeds meer aandacht aan voorkomen van gisten met bijvoorbeeld aanzuren van het product. Ook dankzij restloos voeren is problematiek door gisten verminderd. De meeste problemen met gisten ontstaan tegenwoordig in voormengsels.”
6 Goed werkende brijvoerinstallatie
“Dit klinkt logisch, maar in de praktijk kom je nog wel een rare dingen tegen. Laat jaarlijks een APK-check doen. Er gaat voor een vermogen aan voer doorheen, dan moet de installatie perfect in orde zijn.
7 Kies voor de juiste bijproducten
“De producten moeten bij het bedrijf passen qua voersnelheid en smakelijkheid.”
8 Houd de pakketprijs laag
“Schaalgrootte heeft de grootste invloed op de pakketprijs. Maar daar kun je niet direct op bijsturen. Wat je wel kunt doen, is flexibel zijn. Als de bijproducten duur zijn, kijk dan of het aantrekkelijker is om droge grondstoffen te voeren. Verder is het essentieel om op het juiste moment in te kopen en te kijken of je regionaal kunt kopen, om transportkosten te besparen. Regionaal inkopen kan bijvoorbeeld als er in de buurt natte bijproducten worden geproduceerd. Kijk ook eens naar de mogelijkheid van CCM als je in de buurt van de grens zit of graan als je in een akkerbouwgebied zit.”
Tekst: Gerben Hofman
Beeld: Weda




