De Deense regering wil tijdelijk geen nieuwe conventionele varkensbedrijven toestaan en ook uitbreiding van bestaande bedrijven blokkeren. De maatregel moet ruimte creëren om nieuwe afspraken te maken over de toekomst van de varkenshouderij. Vanuit de sector klinkt uiteraard kritiek en in het Deense parlement zijn inmiddels de eerste juridische vragen gesteld.
De centrum-linkse Deense regering kondigde op 23 september een tijdelijke stop aan op de nieuwvestiging en uitbreiding van gangbare varkensbedrijven. De maatregel geldt voor nieuwe vergunningsaanvragen en moet van kracht blijven terwijl de regering met de sector werkt aan nieuwe kaders voor de varkenshouderij. Aanvragen die al vóór de aankondiging waren ingediend, worden volgens de huidige regels behandeld.
De maatregel wordt uitgewerkt via de regelgeving rond milieu- en veehouderijvergunningen. Volgens de beschikbare uitvoeringsinformatie blijven bepaalde wijzigingen aan bestaande bedrijven mogelijk, zolang de productiecapaciteit daardoor maar niet toeneemt. Ook gecertificeerde biologische productie en vrije-uitloopsystemen vallen buiten het voorgenomen tijdelijke verbod.
Eerst duidelijkheid over toekomstige regels
De regering koppelt de tijdelijke stop volgens eigen zeggen aan een bredere hervorming van de Deense varkenshouderij. De toekomstige regels moeten worden besproken binnen een zogenoemde ‘grisefirepart’, een overleg tussen overheid en betrokken partijen uit de sector.
Een minister van Landbouw is er in Denemarken niet meer. Minister van Natuur en Dierenwelzijn Christian Rabjerg Madsen stelt dat de regering inzet op een duurzamere varkensproductie met een hoger niveau van dierenwelzijn. Zolang nog niet duidelijk is welke eisen daar precies bij gaan horen, wil de regering voorkomen dat nieuwe conventionele stallen worden gebouwd of bestaande bedrijven verder uitbreiden.
De regeling is nog onderwerp van een formele procedure. Het ontwerp wordt eerst gedurende vier weken ter consultatie voorgelegd. Maar nieuwe aanvragen vanaf 23 september vallen al onder de voorgenomen beperking. Dit laatste heeft inmiddels juridische vragen opgeroepen.
Sector vreest rem op investeringen
Landbrug & Fødevarer, de Deense belangenorganisatie voor landbouw en voeding, reageert kritisch. Volgens H.C. Gæmelke, voorzitter van de varkenssectie binnen de organisatie, creëert de maatregel grote onzekerheid voor ondernemers die investeringen hebben gepland. Hij wijst erop dat investeringen in nieuwe huisvesting juist nodig kunnen zijn om toekomstige eisen op het gebied van dierenwelzijn te kunnen realiseren.
Volgens de sectororganisatie vraagt meer bewegingsvrijheid voor zeugen of meer ruimte per dier vaak om extra staloppervlak. Een verbod op grotere stallen kan volgens Gæmelke daardoor botsen met de ambitie om het dierenwelzijn te verbeteren. Ook vreest hij gevolgen voor financiering: bedrijven met concrete bouwplannen kunnen investeringen uitstellen wanneer onduidelijk is welke regels over enkele maanden of een jaar gelden.
De regering en de sector verschillen daarmee niet alleen van mening over het tempo van verandering, maar ook over de vraag hoe toekomstige welzijnsverbeteringen praktisch mogelijk moeten worden gemaakt.
Juridische vragen in parlement
Een dag na de aankondiging werden in het Deense parlement meerdere vragen gesteld over de juridische basis van de maatregel. Parlementslid Kim Edberg Andersen vroeg de minister onder meer welke bepaling in de bestaande wetgeving de regering precies gebruikt om de tijdelijke stop mogelijk te maken. Die vraag was op 25 september nog niet beantwoord.
Ook is gevraagd hoe de regering aanvragen die vanaf 23 september worden ingediend al onder de nieuwe lijn kan laten vallen, terwijl de formele uitvoeringsregeling pas na een consultatieperiode van vier weken in werking treedt. Daarnaast wil het parlement weten of het ontwerp vooraf is beoordeeld door de juridische afdeling van het ministerie van Justitie.
Een verdere parlementaire vraag verwijst naar kritiek van hoogleraar rechten Peter Pagh van de Universiteit van Kopenhagen op de gekozen juridische route. De discussie is dus vooral bestuursrechtelijk van aard. Hoe dan ook, voorlopig staat vooral vast dat de Deense regering de uitbreiding van de conventionele varkenshouderij wil bevriezen totdat meer duidelijkheid bestaat over de toekomstige inrichting van de sector. Hoe de definitieve regeling eruitziet en of de juridische bezwaren gevolgen hebben voor de uitvoering, moet de komende weken blijken.
Tekst: Gerben Hofman
Beeld: beeldarchief Prosu BV




