Het CBS heeft op 8 april 2026 de vierde kwartaalrapportage 2025 gepubliceerd over de fosfaat- en stikstofexcretie van de Nederlandse veestapel. Daaruit blijkt dat de totale fosfaatproductie in 2025 landelijk nog circa 4,2% boven het plafond ligt, terwijl de stikstofproductie al 1,6% onder het nationale plafond uitkomt. De varkenshouderij ligt goed op koers.
De daling ten opzichte van eerdere kwartalen is vooral het gevolg van een sterke afname van het aantal dieren, met name varkens en pluimvee.
Varkenshouderij
Voor de varkenshouderij verwacht het CBS dat de sector in 2025 nog net boven de sectorale plafonds uitkomt. Het gaat bij fosfaat om 29,7 miljoen kg (plafond 27,8 miljoen kg). En bij stikstof om 73,8 miljoen kg (plafond 70,3 miljoen kg). Deze cijfers doen onvoldoende recht aan de forse krimp in de sector, mede door de huidige meetsystematiek*).
Verwachting toekomst
De minister laat zien dat door de deelname aan de beëindigingsregelingen Lbv en Lbv‑plus de mestproductie van de varkenshouderij op korte termijn verder daalt. Bij een deelname van 90% van de verleende beschikkingen begin 2026, gaat de sector uitkomen op circa 27,7 miljoen kg fosfaat en 67,7 miljoen kg stikstof. Daarmee wordt het sectorale fosfaatplafond gehaald en het stikstofplafond duidelijk onderschreden.
Kortom: de varkenshouderij laat een aanzienlijke vermindering van mestproductie zien en ligt op koers om de stikstof- en fosfaatplafonds te behalen, met name in 2026–2027, wanneer de effecten van de regelingen volledig zichtbaar worden.
*) CBS rekent met cijfers van de dieren die op 1 april 2025 gehouden werden. Hierdoor wordt geen rekening gehouden met de afname van de mestproductie in 2025 als gevolg van beëindiging van veehouderijlocaties na 1 april 2025.
Bron: POV




