De provincie Flevoland en een varkenshouderij in Creil zijn verwikkeld in een juridisch conflict over vergunningen en bedrijfsvoering. Aanleiding is de betrokkenheid van voormalig varkenshouder Adriaan Straathof, die eerder in opspraak kwam vanwege dierenwelzijnskwesties. De provincie heeft hoger beroep ingesteld bij de Raad van State nadat de rechtbank Midden-Nederland eerder oordeelde dat sluiting van het bedrijf te ver ging.
Banden met voormalig eigenaar
De provincie Flevoland wil dat een varkenshouderij met circa 20.000 dieren aan het Zuidermeerpad in Creil stopt en heeft daarom hoger beroep ingesteld bij de Raad van State, nadat de rechtbank Midden-Nederland eerder oordeelde dat sluiting een te vergaande maatregel was. Een belangrijk punt voor de provincie is de link tussen het bedrijf en varkenshouder Adriaan Straathof. Deze ondernemer kwam eerder in opspraak vanwege dierenwelzijnskwesties, wat in Duitsland leidde tot een beroepsverbod op het houden van varkens. In Nederland blijft hij volgens de provincie nog op de achtergrond actief via eigendom en aandelen, terwijl het bedrijf stelt dat de banden in 2020 zijn beëindigd.
Volgens de provincie bestaat er hierdoor een risico dat vergunningen worden misbruikt, zoals bedoeld in de Wet Bibob (Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur). De rechtbank erkende deze zorgen deels, maar oordeelde dat sluiting niet in verhouding stond tot de economische schade. Daardoor kreeg het bedrijf tijdelijk ruimte om door te opereren.
Passende maatregelen
De zaak past in een bredere ontwikkeling binnen de veehouderijsector, waarin overheden strenger toetsen op vergunningen en bedrijfsstructuren. Bovendien speelt integriteitswetgeving een grotere rol bij agrarische bedrijven. Volgens de provincie kan een vergunning worden geweigerd of ingetrokken als er risico’s zijn op strafbare feiten. Echter, de rechter stelde dat maatregelen proportioneel moeten blijven, zeker wanneer economische belangen groot zijn.
Daarnaast is er binnen de sector aandacht voor investeringszekerheid. Zo gaf de rechtbank aan dat sloop van de stal een verlies van circa 3,2 miljoen euro zou betekenen, exclusief recente investeringen. Daarom werd sluiting als disproportioneel beoordeeld. Tegelijkertijd laat de zaak zien dat bedrijven rekening moeten houden met strengere controles op eigendom en financiering.
Toekomst van het bedrijf
Volgens de advocaat van het bedrijf is de situatie op de locatie verbeterd. Maar de provincie zet grote vraagtekens bij deze verbeteringen. Volgens de advocaat is er sprake van een structureel patroon van overtredingen dat blijft voortduren. Een woordvoerder van Animal Rights wijst op vergelijkbare problemen bij andere bedrijven waarbij Straathof betrokken zou zijn. Daarbij gaat het onder meer om het transport van ongeschikte dieren, het aanbieden van een levend dier bij een destructiebedrijf en gevaarlijke gasconcentraties in een stal bij een van de bedrijven.
Ondertussen wordt gezocht naar een nieuwe eigenaar. Daarbij is het de bedoeling dat de activiteiten worden voortgezet binnen de bestaande structuur van de varkenshouderij. Wel speelt de stikstofproblematiek een rol, aangezien legalisatie van de PAS-melding nodig is voordat overdracht mogelijk is.
Bron: Omroep Flevoland




